Klimaatadaptatie in de praktijk:
in gesprek met Gerard Zwijnenburg van 3ACP

 

- Door Bart van der Sande -

Voor mijn onderzoek naar klimaatadaptatie bij ondernemers ben ik in gesprek gegaan met een aantal partners van de Stichting BlauwZaam. Één van de partners die ik heb gesproken is Gerard Zwijnenburg.

“Ik ben Gerard Zwijnenburg, directeur/eigenaar van JG systeembouw en 3ACP en wij zijn vanaf het begin af aan lid van BlauwZaam.”

3ACP is een familiebedrijf met jarenlange ervaring in het bewerken en monteren van de aluminium composietproducten van ALUCOBOND® en specialist in het realiseren van aluminium gevels en interieurbekleding voor kantoren, winkels en andere gebouwen. 3ACP is gevestigd in Groot-Ammers en geworteld in de cultuur van de Alblasserwaard.

Gerard Zwijnenburg is echt een BlauwZame ondernemer. Tijdens ons gesprek kom ik erachter dat hij veel van het klimaat en duurzaamheid af weet; en dat hij hier bovendien in de praktijk ook naar handelt. Zo heeft hij bewust zijn terrein voor een aanzienlijk deel onbestraat en groen gelaten, omdat hij vindt dat regenwater de bodem in moet kunnen trekken. Een leuke anekdote is dat er mensen zijn die dat niet begrijpen en denken dat hij geen geld heeft om zijn terrein te laten bestraten. Een ander mooi voorbeeld is dat 3ACP vanaf volgend jaar een bepaald bedrag gaat reserveren voor iedere geleverde vierkante meter dak en gevel. Dit totaalbedrag willen zij besteden aan stichting 'Trees for All' en non-profitorganisatie 'Justdiggit', om van dat geld nieuwe bomen te laten planten. Hiermee wil hij de warmte absorptie van de daken en gevels die hij aanlegt compenseren. De uitstoot van zijn bedrijf heeft hij met behulp van de milieubarometer van Stichting Stimular van 54 ton weten terug te brengen naar 10 (!) ton.

Als ik naar zijn drijfveer vraag, vertelt Gerard dat hij zich verantwoordelijk voelt voor de leefomgeving.

“Dat is in ons eigen belang en in het belang van toekomstige generaties. Ik vind het gewoon belangrijk dat ik straks de aarde achterlaat voor de kinderen, de kleinkinderen en dat ik het goed heb gedaan.”

Concreet betekent dit dat het bedrijf momenteel energieneutraal is en dat de reststromen minimaal zijn. Ook geeft hij aan dat ze bij 3ACP steeds meer elektrisch werken.

“We leveren op dit moment meer elektriciteit op het net dan dat we gebruiken van het net. We leveren met eigen zonnepanelen momenteel zo’n 30% aan het net.”

“Ik ben zelf hier het eerste bedrijf op Gelkenes dat van het gas af is. Waarom ik het doe? Omdat ik er passie voor heb. Ik denk dat het toch een keer moet gebeuren, dus laten we het doen.”

Ik ben positief verrast en vraag erover door. Hij geeft aan dat hij denkt dat we in een transitie zitten waar we niet aan ontkomen, en dat we daar vol op moeten inzetten om het allemaal leefbaar te houden in de omgeving.

“Dat wordt door met BlauwZaam bezig te zijn alleen maar meer, elkaar ondersteunen en kleine stappen te zetten om die transitie mee in te zetten. Dat wordt door met elkaar bezig te zijn gestimuleerd.”

Als ik begin over de politieke gevoeligheid van het klimaat, krijg ik terug:

“Milieu in je leefomgeving is noch links, noch rechts. Dat is wat je zelf met de natuur doet, daar ben je zelf verantwoordelijk voor.”

Op mijn vraag of hij denkt dat het klimaat verandert, antwoordt hij:

“Ik denk dat het klimaat wel verandert. Wat wij ervan merken zijn vaak heftige regenbuien, dat komen wij natuurlijk in ons werk op de bouwplaats tegen. In de zomers die extreme droogtes van de laatste 2-3 jaar; dat is natuurlijk ook funest voor de inzet van je mensen als ze buiten werken en staan te monteren.”

Als we het erover hebben hoe het (klimaatverandering) zo ver heeft kunnen komen, begint hij over iets wat de meesten van ons misschien wel herkennen.

“Als het over geld verdienen gaat, dan worden we allemaal toch vaak verblind door valuta en dan hebben we niet zoveel oog voor de omgeving en voor het milieu.”

Als gevelspecialist maakt hij dergelijke situaties vaak van dichtbij mee:

“Een bedrijfsgebouw is meestal niet levensbestendig, oftewel: als het gebouw 10 jaar oud is dan wordt die of verbouwd, of er wordt verhuisd. Als het dan wordt herontwikkeld dan moet er of iemand zijn met een passie voor het milieu, of hij moet er zo inzitten dat het een mooie goedkope hal was en dat je dan voor een paar duizend euro per jaar meer stookt.”“En een belegger of een gebouwbeheerder die zegt vaak van: “Als ik het binnen 3 jaar terugverdien, dan is het interessant.” Ik heb pas nog een gevel gerenoveerd hier in de buurt. De huurders die verzochten de belegger om de wanden te isoleren. De belegger zei toen: “Dat gaat je zoveel meer kosten.” De huurders zeiden: “Nee, we willen geen huurverhoging.” Dan zegt de belegger: “Dan gaan we dus ook niet isoleren.” En zo gaat het.”

Fotografie Peter Paul Klapwijk, 
www.instagram.com/ppkhm/

Ik ben benieuwd hoeveel invloed hij er zelf op heeft. Kan hij bijvoorbeeld zelf niet alleen nog maar groene gevels gaan verkopen? Dat zou actief bijdragen aan het waterbergend vermogen en verkoelend effect van gebouwen. In de praktijk blijkt dat echter lastig:

“Groene gevels zijn zo ontzettend duur. Ik denk dat dat groene daken en gevels best wel effect hebben. Alleen als je praat over een gevelconstructie met beplanting en noem het maar op, dat kost dan 200-300 euro per vierkante meter. Terwijl een gewoon geveltje voor zo’n halletje 55 euro (per vierkante meter) kost.”

Overigens gelooft hij niet dat dit altijd zo zal blijven:

“Ik denk dat het een groeiproces is, daar moeten mensen naartoe groeien. Dat kan je communiceren wat je wil. Het is echt een langzaam proces; die bewustwording van de mensen om ermee om te gaan dat het anders moet.”

Gerard verwacht dat het van de jongere generatie zal moeten komen.

“Wat ik wel heel mooi vind is dat de jongere generaties steeds meer in opstand komt voor dat milieu. Het kantelpunt ligt niet bij de huidige generatie in leidinggevende functies. Het kantelpunt dat ligt op het jongerenniveau.”

“Mooi dat jongeren daar een tegenbeweging aan geven en zeggen: “Denk eens aan ons.””

In dat kantelpunt lijkt de media een belangrijke rol te spelen. Gerard geeft aan dat hij het wel eens jammer vindt dat er heel veel initiatieven zijn die meestal niet de publiciteit halen.

“Een krant bestaat uit nieuws: dat moet sensatie zijn of het moet negativiteit zijn. Hoe vaak zit er nu eigenlijk een milieubijlage in het AD of de Telegraaf?”

In die publiciteit mag Stichting BlauwZaam volgens hem ook meer verantwoordelijkheid nemen.

“Waar zie ik het allemaal in terug? Weten we bij Blauwzaam hoeveel bedrijven van het gas af zijn? Je kan natuurlijk gewoon een statement maken hè? “Jongens wij zijn van het gas af, we willen onze ervaringen delen” Laat het zien! We zien het nu niet.”

Hij sluit het interview af met een blik op de komende jaren:

“Ik hoop dat er vanuit BlauwZaam meer aandacht komt voor positieve ontwikkelingen. Dat hoeft niet altijd het zakelijke gewin te zijn. Het doen van ondernemers en het ermee bezig zijn. Dat moet je belichten, dan krijg je volgers. En als je volgers krijgt, dan krijg je mensen die gemotiveerd raken. En dat traject moet ingezet worden. Niet alleen in de Alblasserwaard. En heel de mediawereld moet overgaan naar een andere berichtgeving.”